Dossier: Gewasbescherming


“Effectieve hulpstoffen bij (bodem)herbiciden kunnen duizenden euro’s verschil maken”

Het bedrijf Holland Fyto uit Emmeloord maakt zich al enkele jaren sterk voor het gebruik van hulpstoffen bij het toepassen van gewasbeschermingsmiddelen. Productmanager Gerbert Barneveld richt zich daarbij voor de akkerbouwteelten met name op de hulpstoffen Kantor, Prolong XP en Concrete HF. Die laatste zorgt er vooral voor dat bodemherbiciden effectiever werken en minder risico geven op in- en afspoeling. “Vooral het aspect van in- en afspoeling is vanaf 2014 jaarlijks in diverse onafhankelijke proeven aangetoond. De resultaten van de proeven waren opmerkelijk en toonden positieve verschillen van honderden tot enkele duizenden euro’s per hectare”, aldus Barneveld.


Het betreft hier cijfers uit een totaal van zes onafhankelijke proeven die door Innoventis, Proeftuin Zwaagdijk en Exploras zijn opgezet. Barneveld: “Het product Concrete HF– dat ca. een tientje per hectare kost - is jaren geleden al ontwikkeld om bodemherbiciden op lichtere gronden langer in de bovengrond te houden om méér duurwerking en dus effectiviteit te realiseren. De doelstellingen van Holland Fyto waren voorafgaand aan deze proeven om dit principe te benutten bij gewassen met oppervlakkig wortelgestel die in de beginfase van groei (zeer) gevoelig kunnen zijn voor inspoelende herbiciden.”


Uienproef

Barneveld kwam toen uit bij lelies en testte daar de fytotox reactie op de beworteling. Het resultaat van het eerste testjaar was duidelijk. Inspoeling van herbicide bleek, bovengronds onzichtbaar, tot een verlies van enkele duizenden euro’s per hectare te leiden. In de objecten waar Concrete HF was toegevoegd aan de tankmix met bodemherbiciden, was geen sprake van groeiremming en opbrengstverlies. Ook proeven in de opvolgende jaren toonden vergelijkbare resultaten in lelies, tulpen, muscari en andere bolgewassen op lichte grond.

Tegelijkertijd werden ook proeven uitgezet in akkerbouwgewassen zoals aardappelen, bieten en uien. Een proef uitgevoerd door Proeftuin Zwaagdijk in zaaiuien leidde uiteindelijk tot een opbrengstverschil van maar liefst 9%. In keiharde cijfers betekende dit ruim 6 ton uien meer.


Verborgen opbrengstverliezen beperken”

Barneveld spreekt niet graag over meeropbrengsten, maar van minder groeiremming en daardoor opbrengstbehoud. “Als onkruid goed wordt bestreden komt dit de potentiele opbrengst ten goede. Maar als dit ten koste gaat van de ‘gezondheid’ van de beworteling, als gevolg van inspoeling van bodemherbiciden, kan het uiteindelijke resultaat toch, meestal ongezien, tegenvallen”.

Een teler behandelt het gehele perceel. Als er een gewasreactie optreedt als gevolg van inzet herbiciden is het voor de teler, als het hem/haar al opvalt, vaak lastig een oorzaak aan te wijzen. Proeven met diverse objecten en herhalingen tonen de oorzaak feilloos aan.


Experimenteel herbicide is ingezet in het kramstadium en eerste pijp drie centimeter. Vervolgens is er drie dagen na de tweede toepassing negen millimeter neerslag gevallen in een korte heftige bui. Vier dagen na deze bui is op grijze grond en afgehard gewas een contactbespuiting in alle objecten uitgevoerd. Barneveld: “Een week na de contactbespuiting is vastgesteld dat inspoeling van de herbiciden, toegepast in het eerste pijp drie centimeter stadium, tot gevolg heeft gehad dat er behoorlijke visuele schade is vastgesteld in het object met het experimentele middel.”


Barneveld vervolgt: “Echter daar waar Concrete HF is toegevoegd aan het experimentele middel tijdens de genoemde bespuitingen in bleek er nauwelijks tot geen schade waarneembaar. Uiteindelijke opbrengstmetingen toonden aan dat het gebruik van Concrete HF eraan heeft bijgedragen dat er ruim zes ton meer uien werd geoogst ten opzichte van het standaard object plus experimenteel.”


Herbiciden vastleggen

Bij een praktijkproef met herbiciden in zaaiuien in 2017 uitgevoerd in de Noordoostpolder op zavelgrond, heeft Barneveld gedurende het seizoen ook bladanalyses genomen. “Daarmee kon ik enerzijds aantonen dat Concrete HF ervoor zorgt dat je inderdaad minder actieve stof van de herbiciden terugvindt in de ui. Dat bevestigt de bevindingen bij Proeftuin Zwaagdijk. Anderzijds werd in deze praktijkproef ook aangetoond dat afspoeling van bodemherbiciden naar het oppervlaktewater werd verminderd.


Conclusies

De algehele conclusie van Barneveld is dat door verschraling van het middelenpakket telers het middelengebruik moeten optimaliseren om ‘veronkruiding’ te beperken.


De mogelijkheden die een teler heeft worden minder, zeker als je daarin ook nog de mogelijke beperkingen rondom het gebruik van glyfosaat en het wegvallen van Reglone en Finale meeneemt. Het belang van een goede toepassing en effectiviteit van bodemherbiciden neemt alleen maar toe. De hulpstof Concrete HF toevoegen aan inspoelingsgevoelige bodemherbiciden op lichte gronden is in mijn ogen dan ook een must om het gewas zo schoon mogelijk te houden. Het vergroot de effectiviteit en zorgt er vooral voor dat het groei-vermogen van het gewas beter benut wordt. Dat is nu uitvoerig getest in de bloembollen en uien maar het speelt ook in peen, witlof, aardappelen en suikerbieten op lichtere gronden. Kortom: in alle teelten waarin bodemherbiciden worden gebruikt kan de hulpstof Concrete HF toegevoegde waarde bieden.”


MEER INFORMATIE OVER DE

HULPSTOF CONCRETE HF?

W: www.hollandfyto.nl/producten/

adjuvants/concrete-hf

E: G.Barneveld@hollandfyto.nl