Dossier: Verwerking


“Nauwkeurige maatsortering voor pootgoed en aardappelverwerkende industrie”












Bietenvlieg schade

Het is altijd afwachten hoe een groeiseizoen gaat verlopen, maar als de voortekenen niet bedriegen dan kan het weleens een zeer grillig bietenjaar worden. De oorzaak: grote insectenproblemen. “Vooral het bietenvergelingsvirus en de bietenkever kunnen grote schade veroorzaken in de bieten”, stellen Crop Advisors Sjors Leermakers en Harm Groeneweg van Bayer.

In gebieden waar bodeminsecten verwacht kunnen worden doen akkerbouwers met suikerbieten er goed aan om pillenzaad dat behandeld is te gebruiken ter bestrijding van ondergrondse insecten. Daarnaast roepen beide heren op om bovengrondse plaaginsecten nauwlettend in de gaten te houden. “En dat houdt concreet in dat er van begin april tot half juli wekelijks gecontroleerd moet worden op alle bladinsecten en - waar nodig - op tijd ingrijpen met een insecticide.”


BIETENVERGELINGSVIRUS EN BIETENKEVER

Hoewel Leermakers het lastig vindt om aan te geven waar de grootste problemen verwacht worden waarschuwde hij in de bietenkoerier ook al voor het bietenkevertje en die boodschap herhaalt hij hier nogmaals: “Het bietenvergelingsvirus (door luizen) en het bietenkevertje staan met stip bovenaan het gevarenlijstje. Bietenvergelingvirus vormt een groot gevaar voor de bietenteelt. Luizen - en dan met name de groene perzikluis - kunnen dit virus razendsnel verspreiden over het veld, waardoor in korte tijd veel planten besmet raken. De opbrengst kan daardoor gemakkelijk met tientallen procenten kelderen, zeker wanneer er vroeg gezaaid is”, aldus de Crop Advisor van Bayer.


NOODZAAK

Omdat streng winterweer is uitgebleven kunnen de luizen wel eens vroeg aanwezig zijn, vooral omdat er afgelopen najaar nogal veel luizen in de bieten gevonden zijn. “De noodzaak om de gewassen vroeg te monitoren is dit jaar misschien wel groter dan ooit”, aldus Leermakers.


OUDE PROEFRESULTATEN

Deze uitspraak komt niet zomaar uit de lucht en is gebaseerd op de nieuwe teeltomstandigheden die ontstaan zijn door het verbod op zaadbehandeling met neonicotinoïden. Een maatregel waardoor we volgens de experts weer terug in de tijd gaan. Harm Groeneweg: “Om helder te krijgen met welke plagen we destijds te maken hadden en hoe heftig die soms waren, hebben we ons weer moeten verdiepen in onderzoeken en adviezen uit de jaren '80 en begin jaren '90”, vertelt de ervaringsdeskundige, die juist in die jaren veel ervaringen op heeft gedaan door betrokken te zijn bij diverse onderzoeksprojecten. Groeneweg: “Bij het analyseren van die oude proefresultaten valt meteen op dat er enorme verschillen zijn tussen behandelde en onbehandelde objecten. Zo valt in een jaar met veel bietenkevers de opkomst in een object met onbehandeld zaad terug naar 34.000 planten. Op een ander onbehandeld proefperceel met veel springstaarten blijven er slechts 15.000 planten over.” Soortgelijke schades zijn er ook gerapporteerd bij emelten, ritnaalden en miljoenpoten. “We weten natuurlijk niet hoe al deze beestjes zich de afgelopen decennia ontwikkeld hebben, maar we moeten er vanuit gaan dat ze niet weg zijn”, waarschuwt bietenspecialist Sjors Leermakers. In gebieden waar bodeminsecten verwacht kunnen worden doen bietentelers er wat hem betreft goed aan om behandeld pillenzaad te gebruiken tegen ondergrondse insecten. “Daarnaast is het zaak om bovengrondse plaaginsecten nauwlettend in de gaten te houden. En dat betekent concreet: van begin april tot half juli wekelijks controleren op alle bladinsecten en - waar nodig - op tijd ingrijpen met een insecticide.”


SPUITADVIES

Met zoveel onzekerheden is het lastig om vooraf een schadedrempel vast te stellen, maar de Crop Advisors adviseren om de komende maanden een maximum van twee luizen per tien planten aan te houden. Leermakers: “Vind je er meer, dan is het raadzaam om te spuiten, bijvoorbeeld met 0,15 l/ ha Bariard of 0,15 l/ha Calypso.” Bietenkevers komen vooral voor op de wat zwaardere kleigronden. Hoewel het grootste gevaar ondergrondse vraatschade aan wortels en kiemplant betreft, kan dit insect ook bovengronds flinke schade aanrichten aan bladeren en stengels. “Zodra de temperatuur boven de vijftien graden komt, gaan de kevers vliegen en kunnen ze zich massaal over het bietenperceel verspreiden. Het is daarom belangrijk om die vluchten in de gaten te houden en zo nodig een bespuiting uit te voeren”, zo waarschuwt Leermakers. “Ter bestrijding van de bietenkever kunnen onder andere de middelen Bariard (0,15 l/ha), Calypso (0,15 l/ha) of Decis (0,3 l/ha) worden ingezet. Belangrijk hierbij is om de kevers goed te raken. Het beste lukt dat door de bestrijding in de avond uit te voeren.”


MEER INFORMATIE OVER BAYER AGRO SCIENCE?

Kijk op: www.agro.bayer.nl of neem contact op met uw adviseur.

Aardvlo

Bietenkever

Larve bietenvlieg