Dossier: Imago


“Vertel je verhaal: voor jezelf, de omgeving en de toekomst van de pluimveesector”

Hugo Bens is een pluimveehouder in hart en nieren. In 1990 startte hij samen met zijn vrouw Rianne een pluimveebedrijf in het Brabantse Haps. Eerst vleeskuikens en later scharrelkippen. Bijna dertig jaar later is het echtpaar nog vol vuur en passie over het werken met kippen: Bens BoerderEi. “Het is een prachtig beroep en we willen ook graag zoveel mogelijk mensen vertellen hoe mooi het is wat wij hier doen. Pluimveehouders zijn nog vaak te bescheiden en mogen best eens vaker hun verhaal doen, want begrip en respect afdwingen begint met acceptatie.”


En daarmee doelt Bens niet op het overtuigen van de consument in de Randstad, maar juist bij de naaste buren: “Begin dichtbij, want van daaruit kan je bouwen aan een goede relatie met je omgeving. Vertel wat je doet, hoe je het doet en waarom je het doet. Dan komt er vanzelf meer betrokkenheid bij het bedrijf dat je runt.” Een duidelijke boodschap die Bens zelf ook dagelijks uitdraagt: “We hebben sinds kort een bord in de tuin staan van Boert Bewust, we dragen met trots de boodschap van Blij met een Ei uit en mijn vrouw was één van de allereerste leden van mmmEggies. Allemaal dingen die bijdragen aan een positief beeld van onze sector.”


FOOTPRINT VERLAGEN

Vertellen is één, maar uitvoeren is twee. En ook daar is Bens continu mee bezig: samen met de HAS in Den Bosch en ForFarmers onderzoekt hij welke voerelementen er gebruikt kunnen worden om de footprint te verlagen. Zodoende heeft hij raap en zonnepit(schroot) aan het voer toegevoegd als eiwitbron en bouwt hij het soja-gebruik af tot nul procent als zijn hennen zeventwintig weken oud zijn.

“BOEREN BESEFFEN NIET DAT ZE
EEN GOED VERHAAL HEBBEN”

Naast deze maatregelen zijn er drie droogtunnels met drukkamers aangelegd waardoor slechts een kleine dertig procent van de totale mestproductie uit zijn driedubbele volièrestallen afgevoerd hoeft te worden. “Wij verkopen onze mest. We houden er ook geen geld aan over, maar het is ook geen kostenpost.” Hiervoor moest Bens wel flink in de buidel tasten. “Het is een investering van enkele tonnen geweest, maar nu staat onze mest positief op de balans in plaatst van negatief. Bij een kip heb je ongeveer evenveel mest als het aantal kilo voer dat je ze geeft. Wij hebben bij vierenveertig kilo voer slechts zestien kilo mest, omdat de rest (in totaal 2,8 miljoen liter water) wordt verdampt in de droogtunnels.”


ZONNE-ENERGIE

Ook liggen er zonnepanelen op het dak. De stroom die daarmee opgewekt wordt, is deels voor eigen gebruik en wordt deels via Vandebron doorverkocht. “Klanten kopen bij VandeBron specifiek van ons dak, hun stroom. Daar krijgen wij dan weer een centje meer voor. Dat vind ik gewoon hartstikke mooi en zo kom je positief in het nieuws”, vertelt Bens. Bens is in de gelukkige omstandigheid dat zijn dochter het bedrijf later wil overnemen, maar is bang dat door allerlei concepten, maatschappelijke en wettelijke druk er straks niets meer geproduceerd kan worden. “Ik verwacht dat de vraag naar eieren alleen maar toe gaat nemen. Maar als de omgeving niet snapt wat wij pluimveehouders doen, dan lopen we als sector het risico dat er in de toekomst op bepaalde locaties niet meer geproduceerd mag worden. Onze filosofie is dat je moet doen wat bij je past. Wij produceren tafeleieren en proberen dat zo duurzaam mogelijk te doen. Er wordt veel verwacht van pluimveebedrijven tegenwoordig: fijnstofreductie, minimaal medicijngebruik, maximale diergezondheid en brandveiligheid bijvoorbeeld. Dat is op zich prima. Wij proberen een goed kwalitatief ei te produceren met een lage kostprijs en dat zo duurzaam mogelijk. Duurzaamheid is toekomstbestendig, dus daar steken we graag onze nek voor uit.”

“SLECHTS ZESTIENKILO MEST PER
VIERENVEERTIGKILO VOER”

ACCEPTATIE

Bens vervolgt: “Wij houden onze scharrelkippen voor de Duitse markt en die is om de hoek, dus geen sterren van de Dierenbescherming, maar wel VLOG, KAT en IKB. Wij stoppen veel tijd en energie in onze dieren voor een optimale diergezondheid en welzijn. Dan krijg je namelijk de beste eieren en de meeste arbeidsvreugde. Daarnaast besteed ik tijd aan het vertellen van ons verhaal: als ik zorg dat mijn eigen omgeving snapt en accepteert wat ik doe, dan voorkom ik daarmee heel veel gedoe.” De boodschap van Bens BoerderEi is duidelijk: als iedere pluimveehouder zijn of haar verhaal vertelt in hun eigen dorp of stad, bij een ondernemersvereniging of niet-gouvernementele (maatschappelijke) organisaties (NGO) dan wordt het beeld van de pluimveesector vanzelf anders.

Bens: “Heel veel boeren beseff en niet eens dat ze een goed verhaal hebben. Kijk naar Kipster. Dat wordt breed gedragen, omdat het verhaal goed is. Het concept zelf is eigenlijk nog niet eens zo spannend, wel het verhaal eromheen. Dat verhaal maakt Kipster juist zo sterk. Vertel jouw eigen verhaal, is mijn devies. En dat zouden alle pluimveehouders moeten doen. Natuurlijk kunnen er altijd dingen beter, maar heel veel pluimveebedrijven doen goed werk en dat mogen we best wat meer onder de aandacht brengen. Zowel voor onszelf, onze omgeving als voor de toekomst van de Nederlandse pluimveesector.”